Detail Rechterlijk archief akte

Detail Rechterlijk archief akte

Soort bron:Rechterlijk Archief
Inventarisnummer: 18
Folionummer: 2
Aktedatum:13/7/1781
Inhoud: Jacob Reichard en Wijn Willems voogden over de vier minderjarige kinderen van wijlen Jacob Havercamp en Cornelisje Everts in leven Ehelieden voor 1/6 part, Wijn Willems voornt. pro se [voor zichzelf] mede voor 1/6 part, voorts Evert Martensen voor 2/6 parten[,] eijgenaren van de plaats Meerveld, daar Harmen Aarts woond, met desselfs onderhoorige saaijlanden en een vierel hout in de Meervelder bosch dagen Harmen Aarts voornt. om te hooren verklaaren, dat Verweerder verpligt is geweest op Petri 1781 van dat Erve te vertrekken, en hetselve aan de Aanleggeren voor haare aandeelen in te ruijmen, dat Verweerder daartoe alnog verpligt is, als mede tot restitutie van alle schade J.M.S. en ten twe[e]den om betalinge 1. aan eerste Aanleggeren qq van ses jaaren pagt van haar aandeel aan voorst. Erve, verscheenen Petri 1776 tot 1781 samen 63 guldens, van geleverde schoenen door der onmundigen vader 2 - 16 - 0, 2. aan tweede Aanlegger van pagt van sijn aandeel aan het vierel in de Meervelder bosch verschenen Petri 1771 tot 1778 ad 12 - 10 - 0 en wegens rogge in 1778 aan Verweerder verkogt 6 - 0 - 0, 3. aan derde Aanlegger van een somma van 22 - 0 - 0 volgens afrekening en handschrift van Verweerder in dato den 5 Maart 1779 en van drie jaaren pagt van desselfs aandeel in de Meervelder Bosch verschenen Petri 1779, 1780 en 1781 ad 15 - 0 - 0 alles S. C. et d. S. Vonnis: Parthijen zijn in der minne overeen gekomen, dat den Verweerder op het Erve in questie zal blijven wonen, tot op Petri 1782 zonder de garven van dat jaar te betaalen, zullende hij alleen kunnen volstaan met de betaaling van de pagt van het hout tegens 15 gulden het geheele vierendeel gereekent; dat intusschen de geheele plaats met al zijn toebehooren ten spoedigsten door de gesamentelijke eijgenaren publicq zal verpagt worden ieder voor zijn gedeelte, te weeten de Aanleggeren voor hunne vier sesde parten, en de Verweerder met desselfs swager Neuij Evertsen tesamen voor twee sesde parten, wanneer den Verweerder op Petri 1782 van de plaats zal vertrekken, zoo hij se selfs niet pagt, dat wijders de Verweerder binnen drie of vier jaaren of eerder aan de Aanleggeren zal betaalen de somma door hun bij bodinge gevordert, uijtgesondert egter den twe[e] eerste posten tesamen bedragende 65 - 16 - 0 welke men tragten zal in der minne te vereffenen, vermits Verweerder susteneert tegens de onmundige kinderen ook eene pretensie te hebben van 61 - 1 - 0 waaromtrent de voogden de eerste Aanlegger in deesen sig vooralsnog niet konnen uijtlaaten, of deselve aan de gemelte 65 - 16 - 0 laaten korten.



Personen in deze akte:
Cornelisje Everts

Jacob Havercamp

Nuij Evertsen

Wijn Willems

Harmen Aarts

Jacob Reichard

Evert Martensen